- Pijnlijke diabetische neuropathie : keuze tussen gabapentine, nortriptyline en duloxetine, afhankelijk van de patiëntkarakteristieken, de contra-indicaties en mogelijke bijwerkingen.
- Postherpetische neuropathie : keuze tussen gabapentine en nortriptyline, afhankelijk van de patiëntkarakteristieken, de contra-indicaties en mogelijke bijwerkingen.
Ga naar overzicht geneesmiddelen
Gabapentine
ATC: N03AX12
Gabapentin Sandoz Gabapentine EG Gabapentine Sandoz NeurontinKlik op de merknaam voor informatie over dit geneesmiddel via het BCFI.
Selecties
Posologie
- Opstarten van de behandeling:
- Dag 1: 300 mg 1x/d;
- Dag 2: 300 mg 2x/d;
- Dag 3: 300 mg 3x/d.
- Of 300 mg 3x/d vanaf de eerste dag.
- Verder, in functie van de respons en het verdragen door de patiënt:
- Zo nodig de dosis stapsgewijs verhogen met 300 mg/d elke 2-3 dagen.
- Maximale dosis : 3600 mg/d.
- Minimum tijdsinterval tot 1800 mg/d : 1 week.
- Minimum tijdsinterval tot 2400 mg/d : 2 weken.
- Minimum tijdsinterval tot 3600 mg/d : 3 weken.
- Langzamer opbouwen kan noodzakelijk zijn bij patiënten in slechte algemene toestand (laag lichaamsgewicht, ...).
Bij nierinsufficiëntie
Dosisaanpassingen zijn vereist bij verlaagde nierfunctie :
| Creatinineklaring <80 ml/min | maximaal 1800 mg/dag |
| Creatinineklaring <50 ml/min | maximaal 900 mg/dag |
| Creatinineklaring <30 ml/min | maximaal 600 mg/d |
| Creatinineklaring <15 ml/min | maximaal 300 mg/d |
Voorzorgen
BIJZONDERE VOORZORGEN VOOR OUDEREN
- Regelmatige evaluatie of voortzetten van de behandeling nodig is.
- Zelfmoordgedachten en -gedrag zijn gerapporteerd bij patiënten die werden behandeld met anti-epileptica in verschillende indicaties. Evalueren van de patiënt om eventuele suïcidale ideeën of gedrag op te sporen (vooral bij antecedenten van suïcidale ideeën).
- Opgezette lymfeklieren en koorts kan wijzen op een overgevoeligheidssyndroom na opstart en stop van de medicatie is dan aangewezen.
- Gevallen van misbruik en afhankelijkheid zijn gemeld; voorzichtigheid is geboden bij een voorgeschiedenis van drugs- en geneesmiddelenmisbruik.
- Voorzichtig gebruiken bij ouderen met een verhoogd valrisico; te vermijden bij voorgeschiedenis van vallen of fracturen.
Ongewenste effecten
- Neuropsychologische stoornissen: duizeligheid, slaperigheid, ataxie, dysarthrie, nystagmus, paresthesie, convulsies, moeheid, hoofdpijn, tremor, visusstoornissen.
- Misbruik en afhankelijkheid.
- Hepatische stoornissen.
- Gewichtstoename, perifeer oedeem.
- Jeuk.
- Gastro-intestinale klachten.
- Gewrichtspijn, spierpijn, grieperig syndroom.
- Hypertensie.
- Impotentie.
- Ernstige ademhalingsdepressie: risico hoger bij ouderen.
- Voorkamerfibrillatie.
Zie ook Repertorium BCFI 10.7.2.2
Interacties
+ Opioïden: risico van depressie van het centraal zenuwstelsel (patiënt van nabij opvolgen).
+ Antacida (aluminium- of magnesiumbevattend): risico van verlaagde biologische beschikbaarheid van gabapentine (gabapentine ten vroegste 2 uur na antacida innemen).
Pletten en delen
- Delen: zie de farmaceutische vormen vermeld in het GGR naast de specialiteit (gabapentine). Zie ook Intro 2.11.7 De toedieningswegen en farmaceutische vormen voor meer informatie over de gebruikte termen.
- Pletten: zie Intro 2.11.12. Pletten van een geneesmiddel. Zie ook Pletfiches (voer de naam van de molecule in de zoekbalk in).
Motivatie
- Zowel gabapentine als pregabaline hebben in gecontroleerde multicenterstudies hun doeltreffendheid bewezen bij neuropathische pijn.
- Volgens de NICE (Neuropathic pain in adults: pharmacological management in non-specialist settings) is dit één van de eerste keuze middelen bij pijnlijke diabetische neuropathie (andere zijn duloxetine, amitriptyline of pregabaline).
- Volgens de NHG-richtlijn (NHG-Standaard Pijn), van de anti-epileptica gaat de voorkeur uit naar gabapentine (algehele kwaliteit van bewijs licht beter bij diabetische neuropathie).
- De veiligheid van het gebruik hangt af van de patiëntkarakteristieken. Houd bij de keuze tussen nortriptyline, duloxetine en gabapentine rekening met bijwerkingen, contra-indicaties en het risico op interacties tussen geneesmiddelen (zie 10.3.2.1. Tricyclische antidepressiva (TCA's) en aanverwanten, 10.3.2.2. Serotonine- en noradrenaline-heropnameremmers (SNRI’s) en 10.7.2.2. Gabapentine).
| Indicatie | |||
| Pijnlijke diabetische neuropathie: keuze tussen gabapentine, nortriptyline en duloxetine, afhankelijk van de patiëntkarakteristieken | Postherpetische neuropathie: keuze tussen gabapentine en nortriptyline, afhankelijk van de patiëntkarakteristieken | ||
| Criteria voor de selectie |
Werkzaamheid | + | + |
| Veiligheid | |||
| Gebruiksgemak | |||
| Prijs | |||
| Expert consensus |
|||